“Er zit zeker nog talent in de Belgische jeugdploegen”

02/09/2026

De zomermaanden zijn voorbij en dus ook de internationale toernooien voor de nationale jeugdploegen. Op een moment dat de Yellow Tigers zich in de kijker spelen en de Red Dragons enkele veelbelovende resultaten lieten zien in de oefenmatchen als voorbereiding op het EK, stellen velen zich de vraag hoe het zit met de opvolging vanuit de jeugdploegen. Is er nog meer talent op komst?

Het antwoord is vrij positief. “De meisjesploegen presteren de laatste jaren steeds beter, maar ook in de jongensploegen zit beslist talent en zij behaalden ook mooie resultaten,” stelt jongenstrainer Wim De Boeck realistisch vast.

Heel moeilijk om diverse jeugdploegen met mekaar te vergelijken. “Je mag niet vergeten dat de U17 en de allerjongste categorieën (U16/U17) niet meer meedoen aan internationale toernooien, maar ze blijven in de zomerperiode wel gedurende een aantal weken trainen in Leuven of Vilvoorde,” stelt De Boeck.

En dus kijken we naar de jongens U18. “Zij zijn erin geslaagd zich te plaatsen voor het EK, maar daarin speelden ze nogal wisselvallig. Ze wonnen drie keer, maar eerlijk gezegd was dat tegen de zwakkere ploegen. Tegen de betere ploegen verloren ze vier keer. Geen schande, want de Bulgaren waren allemaal fysiek sterke tweedejaars, terwijl de Fransen technisch op alle vlakken bijzonder sterk waren. We werden er dus elfde.”

“Er zitten wel een paar talenten in de ploeg. Sommigen speelden al in een hogere ploeg of zitten in de selectie van een Liga-ploeg. Enkele Franstaligen maken de dienst uit bij Waremme of Nijvel, maar het probleem was dat het zoeken was naar evenwicht in onze ploeg, zeker nadat een basisspeler uitviel.”

Ook de groep U20 doet niet meer mee aan internationale toernooien. “Maar de meesten onder hen deden wel mee aan het Rising Team, die soms samen meetrainden met de Red Dragons en ook een aantal oefenmatchen speelden. Ik verwacht van deze ploeg die dit seizoen in eerste nationale uitkomt zeker betere resultaten dan vorig seizoen, omdat ze intussen meer ervaring opdeden en de meesten ook niet meer langer in het 5de, maar wel in het zesde jaar van de Topsportschool zitten. En bij de jongens moet je ze dikwijls ook de kans geven om stilaan te rijpen. Kijk naar Michiel Fransen, een jongen die er pas laat doorkwam en nu toch al in de selectie van de Red Dragons zit. Ik ben dan ook blij dat sommigen stilaan bevestigden. Door onze 11de plaats op het EK doen we al zeker mee aan het EYOF en het is afwachten of ze via hun wereldranking ook voor het WK U18 geselecteerd zullen zijn.”

Meisjes U18 als tweede beste ploeg in Europa
Een glunderend gezicht bij meisjescoach Yorick Vande Velde, want op de Europese ranglijst staat zijn ploeg U18 op de tweede plaats na het ongenaakbare Italië. Een schitterende prestatie toch?

Vande Velde: “Absoluut. Twee uitstekende lichtingen gedurende de laatste jaren, want je moet er rekening mee houden dat de ranking berekend wordt op de resultaten van de laatste twee jaren. In 2024 eindigden we zelfs tweede op het EK nadat we zes op zeven groepswedstrijden wonnen, net als nadien een thriller tegen Polen in de halve finale. Alleen in de finale waren de Bulgaren te sterk voor ons.
Ook dit jaar eindigden we derde in de poule en in totaal zesde, na alweer een schitterende zege tegen Polen. Dat was gewoon het hoogst mogelijke resultaat, want tegen Italië en Turkije in de poule waren we niet sterk genoeg. Beide teams speelden trouwens de finale.”

Heb je een verklaring voor die bijzonder sterke prestaties van de nationale meisjesteams?
“Ik denk dat het vooral zit in de structuur, waarin we kunnen werken: in Topvolley Belgium en vanuit de federatie natuurlijk in de Topsportschool. Daardoor kunnen we alles trainen: dan weer eens techniek, dan weer video, kennis van het volley en natuurlijk de technische en tactische oefeningen. In vergelijking tot andere landen hebben we het voordeel dat we niet zo uitgestrekt zijn, zodat de speelsters in de weken voor een toernooi maximum van een afstand van één uur naar de trainingen moeten komen. Ook daardoor kunnen we veel samenwerken. Verder hebben we ook onze cultuur van het nationale team, zodat we in ons werken en doen allemaal eenzelfde verhaal schrijven. En niet vergeten dat we in een selectie zitten met veel talent. Wij kunnen hard spelen, beschikken over een gestalterijke ploeg, we hebben meestal een goede controle op het spel, technisch zijn we sterk op alle gebieden en als we misschien fysiek soms nog een tikkeltje kunnen groeien, compenseren we dat dan weer met andere elementen.”

Yorick wijst ook op het succes van de Rising tigers. “Dat zijn meisjes die ofwel iets ouder zijn om uit te komen bij de U18, ofwel goed zijn, maar nog niet uitkomen bij de Yellow Tigers. Zij hebben dit jaar van mei tot juli en nadien in augustus getraind onder leiding van Ugo Blairon en Bram Van den Hove. Ze hebben oefenmatchen gespeeld tegen Nederland en Brazilië, terwijl het ook positief was dat ze fysieke trainingen en baltrainingen kregen, zodat ze geen drie maanden stil lagen. Sommigen ontbolsteren op deze manier en Pauline Luyten maakte b.v. al deel uit van de Yellow Tigers.

Door onze zesde plaats op het EK zijn we ook gekwalificeerd voor het WK en het EYOF volgende zomer. Knap toch, niet?”

Tekst: Marcel Coppens
Foto: Topvolley Belgium

Top