De opmars van groeibriljant Gorik Lantsoght: “Ik besef dat het razendsnel gaat”
De Belgische volleybalwereld wrijft zich de ogen uit. Amper twintig jaar oud is libero Gorik Lantsoght, maar zijn sportieve traject leest nu al als een avonturenroman. Zonder ooit een voet binnen te hebben gezet op de Topsportschool schoot de jonge Antwerpenaar als een raket omhoog naar het allerhoogste niveau. Van het zand in de jeugd en vijf leerrijke jaren bij Antwerpen stroomde hij door naar de absolute hoofdrol in de receptielijn van de Red Dragons. Na een slopende internationale zomer waarin hij de hele wereld rondreisde op het allerhoogste volleybalniveau, verzilverde de kersverse libero een toptransfer naar landskampioen Greenyard Maaseik. Het fenomeen uit Ekeren staat klaar om ook in de Lotto Volley League de hoofdprijzen te pakken.
Vorige zomer kwam Gorik Lantsoght schijnbaar uit het niets boven water tijdens het WK in de Filipijnen, waar hij als belofte meteen de voorkeur kreeg in de basis. Een jaar later bewijst hij dat die doorbraak verre van een toevallige eendagsvlieg was. Tijdens een loodzware Volleyball Nations League (VNL) en een bewogen Europees Kampioenschap ontpopte de 1m86 lange libero zich tot de onbetwistbare leidsman in de Belgische defensie. Die steile curve bleef niet onopgemerkt op de transfermarkt. Landskampioen Greenyard Maaseik legde het toptalent vast met een contract voor twee seizoenen én de garantie op de eerste liberopositie. Tussen de eerste dagen op zijn eigen appartement in Limburg en de voorbereiding op de Supercup door, nam Gorik ruim de tijd voor een gesprek over zijn atypische leerschool, de lessen van kapitein Sam Deroo, de ontgoocheling op het EK, zijn eerste indrukken van coach Uģis Krastiņš en zijn nieuwe teamgenoten in de Steengoed Arena.
Gorik, voor wie jouw parcours nog niet helemaal kent: jouw weg naar de Belgische en internationale top is tamelijk uniek te noemen. Geen Topsportschool-achtergrond en jarenlang als receptie-hoekspeler gespeeld. Hoe blik je zelf terug op die bijzondere evolutie?
Gorik Lantsoght: “Het is inderdaad een tamelijk atypisch verhaal. Ik ben ooit begonnen in het beachvolleybal, samen met Timo De Gaspari, Tom van Walle en Kyan Vercauteren, en ben later bij Antwerpen terechtgekomen. Ik heb er vijf jaar gezeten, maar bij de tweede ploeg stond ik voornamelijk op de receptie-hoek. Pas een drietal jaar geleden ben ik definitief overgeschakeld naar de positie van libero. Met mijn 1m86 ben ik aan het net natuurlijk niet de allergrootste speler, maar het gevoel in de receptie en defensie lag me altijd al enorm goed. Dat ik nooit naar de Topsportschool ben geweest en nu toch hier sta als eerste libero van Maaseik en de nationale ploeg, maakt het extra mooi. Ik besef heel goed dat het absoluut niet normaal is wat ik de afgelopen twee jaar allemaal heb meegemaakt. Het gaat razendsnel.”
Vorige zomer werd je door toenmalig bondscoach Zanini voor het eerst opgeroepen bij de Red Dragons en stond je op het WK in de Filipijnen meteen in de basis. Hoe beleefde je die eerste grote vuurdoop tussen de wereldtop?
“Dat was een reusachtige ervaring. Ineens sta je op het veld met gasten naar wie je vroeger op televisie keek: Sam Deroo, Ferre Reggers, Stijn D’Hulst. Op dat WK mocht ik haast alle wedstrijden spelen. Natuurlijk waren er moeilijke momenten — zoals in de duels tegen Finland of Italië, waarin Kobe Verwimp me ijzersterk kwam aflossen — maar dat WK gaf me wel het mentale gevoel dat ik echt mijn plek kon opeisen op het allerhoogste niveau. Ik wist dat ik er dichtbij zat en gegrepen heb wat ik kon grijpen.”
Afgelopen zomer werd nog een pak intenser met de Volleyball Nations League en het EK. Je speelde als enige geselecteerde libero zowat elk punt van Brazilië en Japan tot Finland en Turijn. Hoe zwaar was dat fysiek en mentaal?
“Eerlijk? Ik had nooit verwacht dat topvolleybal fysiek en mentaal zo ontzettend slopend kon zijn. De VNL is een opeenvolging van absolute topduels over de hele wereld. De ene dag sta je tegen Bulgarije of Servië, de volgende dag tegen wereldmacht Brazilië. Omdat ik de enige libero in de selectie was tijdens het EK, rustte alle druk op mijn schouders en heb ik werkelijk elk punt moeten spelen. Het vele reizen, de tijdzones en de constante servicedruk vragen ontzettend veel van jouw lichaam. Mentaal was het zwaar als de tegenstander je viseert in de opslag en ballen niet meteen goed vallen, maar de ploeg heeft me er telkens doorgesleept. Het heeft me als speler enorm volwassen gemaakt.”
Het EK eindigde helaas in een sportieve kater, zeker na het uitvallen van kapitein Sam Deroo. Hoe verwerk je zo’n ontgoocheling?
“We kwamen naar het EK met de duidelijke ambitie om voor een medaille te strijden, dus de ontgoocheling achteraf was reusachtig. We hebben simpelweg niet het niveau laten zien dat we vorig jaar op het WK haalden. Het uitvallen van Sam Deroo woog daarbij heel zwaar door. Sam was op en naast het veld onze rots in de branding en de gids in de receptielijn. Tijdens moeilijke momenten komt hij naar je toe, stelt je gerust, leidt de organisatie en spreekt de keuzes vooraf heel duidelijk uit. Wat hij zegt, gebeurt meestal ook. Als jonge libero zuig je die ervaring op. Doordat hij wegviel en de hele groep fysiek op de tanden moest bijten na die slopende VNL, haalden we ons topniveau niet. Maar die ontgoocheling geeft me juist extra honger om me nu bij Maaseik opnieuw te bewijzen.”
De prestaties van de afgelopen twee seizoenen brachten je deze zomer op de verlanglijstjes van heel wat clubs. Er was concrete interesse uit Frankrijk en ook Roeselare informeerde. Waarom viel de keuze uiteindelijk op Greenyard Maaseik?
“Er waren inderdaad mooie opties in Frankrijk, maar die stap naar het buitenland voelde op mijn twintigste gevoelsmatig nog wat te vroeg. Ook Roeselare heeft contact opgenomen, maar het verhaal van Maaseik klopte van A tot Z. Maaseik is al decennia een absolute topclub die elk seizoen meedoet voor de landstitel, de Beker van België en Champions League speelt. Het doorslaggevende argument was echter het vertrouwen: Maaseik gaf me de volle garantie dat ze voor mij gingen als eerste libero. Die speelminuten en dat rotsvaste geloof heb ik nodig om stappen te blijven zetten.”
Het is ook je allereerste seizoen als fulltime prof en je woont voor het eerst op jezelf op een appartement in Maaseik. Hoe bevalt dat nieuwe leven in Limburg?
“Het is een grote, maar fantastische verandering. Bij Antwerpen combineerde ik het volleybal nog met werk of studie bij Thuismakers, maar bij Maaseik ben ik nu voor twee seizoenen fulltime prof. Ik heb mijn intrek genomen op een appartement op vijf minuten van de sporthal. Maaseik is bovendien een hele warme, familiale club. Als je iets nodig hebt, staan de mensen van de club meteen voor je klaar.”
Hoe zijn de eerste contacten en indrukken verlopen met de nieuwe hoofdcoach, de Let Uģis Krastiņš?
“Ontzettend positief. Hij is een hele vurige, gepassioneerde trainer die met enorm veel energie op de bank zit. Hij coacht heel gericht, voelt perfect aan wanneer hij een time-out of wissel moet doorvoeren en schroomt niet om je na een knappe actie persoonlijk te feliciteren. Voor een jonge groep als de onze is die positieve motivatie goud waard. Hij brengt heel veel tactische duidelijkheid naar onze middenblokkers en verdediging.”
En hoe verloopt de integratie in de kleedkamer met de nieuwe ploegmaats?
“Heel vlot, er hangt een geweldige sfeer. Een paar jongens kende ik al heel goed. Met Joppe Wolters speelde ik twee jaar samen bij Antwerpen, Tijmen Bus is van mijn leeftijd en met Sam Fafchamps ben ik na het EK samen aangesloten. Er lopen ook hele boeiende internationale nieuwkomers rond. Met de Finse receptie-hoek Anti Ronkainen had ik op het EK al gesproken; hij brengt enorm veel ervaring, rust en stabiliteit in onze receptielijn. De Kroatische opposite Gabrijel Van Ciger — overgekomen als tweede opposite van topclub Perugia — beschikt over een fantastische techniek. Spelmaker Finoli heeft een hele slimme, tactische opslag, en de Est Tristan Täht brengt enorm veel power met een loeiharde slag op positie 2 en 4. Het is enkel nog wachten op het herstel van Jordi Van Laar, die nog kampt met een buikspierblessure.”
Tijdens de oefencampagne speelden jullie al oefenpotten tegen onder meer Orion, Paris Volley en Chaumont. Waar staat dit vernieuwde Maaseik volgens jou?
“In die oefenpotten lieten we vlagen van heel mooi volleybal zien. Onze receptielijn staat stabiel en de connectie tussen de receptie en onze block-defense draait goed. We zijn misschien niet de meest fysieke ploeg van de competitie, maar wel een heel hecht collectief met een geweldige vechtersmentaliteit om voor elke bal te duiken. Bovendien hebben we veel spelers die heel tactisch en met veel precisie kunnen serveren.”
Komend weekend wacht meteen de eerste officiële clash van het seizoen: de Supercup tegen aartsrivaal Knack Roeselare in de Reo Arena. Hoe leef je daar naartoe?
“Dat wordt meteen een fantastische derby en een echte graadmeter om te zien waar we staan. Roeselare heeft een bak aan ervaring, maar wij stellen daar onze jeugdige energie, honger en tactische scherpte tegenover. Omdat onze spelverdeler en opposite al vanaf dag één van de voorbereiding meetrainen, zit de automatische connectie in ons spel al erg goed. De Supercup is een trofee op zich, maar ook een belangrijk signaal richting de rest van het seizoen. Wij gaan er alles aan doen om die beker mee naar Limburg te nemen.”
Vlak daarna opent de competitie met een uitwedstrijd tegen Waremme. Wat verwachten jullie daarvan?
“Waremme mag je absoluut niet onderschatten. Ze hebben zich deze zomer gericht versterkt met onder meer Lallemand, Eliot De Vleeschhauwer en de Zweedse spelverdeler Oskar von Sydow. Ze hebben een hele mooie basisopstelling staan. Maar de ambities van Maaseik zijn glashelder: wij willen op alle fronten meedoen voor de hoofdprijzen. We willen de landstitel verlengen, de Beker van België pakken en in Europa schitteren.”
In de Champions League wachten gigantische affiches tegen Trentino, Lube Civitanova en Warschau. Droom je van die affiches?
“Enorm. Als je de loting ziet met wereldclubs als Trentino, Lube en Warschau, weet je dat het drie wedstrijden worden waarin je moet vechten om te overleven. Maar als jonge speler zijn dat de absolute droomwedstrijden. Je leert ontzettend veel op dat niveau en die ervaring nemen we hopelijk mee om in de Belgische competitie het verschil te maken.”
Snelle Dilemma-reeks
3-0 snelle winst OF een zinderende 3-2 zege?
“Doe toch maar een snelle 3-0! Een 3-2 geeft spektakel voor het publiek en is spannend, maar een droge 3-0 spaart de krachten voor het vervolg van een lang seizoen.”
Tactisch schaakspel OF pure aanvalspower?
“Pure aanvalspower! Tactiek is cruciaal, maar ik speel heel erg op instinct. En voor de supporters in een volle zaal is pure power natuurlijk prachtig om te zien.”
Kolkende zaal OF klinische rust?
“Een kolkende, luidruchtige zaal, zonder enige twijfel! Daar krijg je als speler alleen maar energie van.”
Geniale individuele ingeving OF vlekkeloos tactisch plan?
“Voor mij als libero een geniale individuele ingeving in defensie! In de verdediging ben je afhankelijk van de situatie, en met een onmogelijke redding maak je echt het verschil.”
Buitenlandse toppers aantrekken OF eigen jeugd laten doorstromen?
“Als je bij een topclub als Maaseik of Roeselare speelt en wil meedoen om de hoofdprijzen in Europa, heb je buitenlandse versterkingen nodig. Maar bij clubs in de middenmoot moet je absoluut vol inzetten op de eigen jeugd.”
Tekst: Kenny Hennens
Foto: xvphotography